
Expositie “Een leven in verstilling” Léons de Buck (1911–2000)
Algemeen 85 keer gelezenWESTDORPE - Op zondag 14 juni wordt er te Westdorpe in MFC de Kirke een grote overzichtstentoonstelling geopend van kunstschilder Leons de Buck.
Hij werd geboren op 25 april 1911 in het Zeeuws-Vlaamse Westdorpe. Hij groeide op in een omgeving waarin kunst geen vanzelfsprekend pad was, maar eerder een stille roeping. Toch diende die zich al vroeg aan. Toen hij op achttienjarige leeftijd een schilderspalet cadeau kreeg van zijn schoolhoofd, werd iets in gang gezet dat hem de rest van zijn leven niet meer zou loslaten.
Een formele kunstopleiding bleek financieel onhaalbaar, maar hij liet zich daardoor niet tegenhouden. Integendeel: zijn ontwikkeling kreeg juist vorm door een combinatie van nieuwsgierigheid, discipline en doorzettingsvermogen. Hij zocht actief naar manieren om te leren, waar die zich ook voordeden.
Een sprekend voorbeeld daarvan is bijna filmisch te noemen: jarenlang stapte hij elke zondagochtend op de fiets om de tocht te maken naar de vakschool Glorieux in Oostakker, bij Gent. Daar volgde hij lessen in tekenen en schilderen. Het beeld van de jonge de Buck, trappend door weer en wind, tekent zijn toewijding misschien wel beter dan welk diploma ook. Een klein schuurtje met houtkachel diende als zijn atelier. Dit paste bij zijn bescheidenheid, maar niet bij zijn grote productiviteit
Onderweg verzamelde hij kennis en invloeden. Zo kreeg hij les van Etienne Foulon uit Zelzate en leerde hij de kneepjes van het beeldhouwen van Bert de Clerq. Ook dorpsgenoot Ferdinand Slock speelde een belangrijke rol: samen werkten zij aan hun vaardigheden en volgden zij, na pensionering, 12 jaren lessen aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Sint-Niklaas. Deze combinatie van lessen, ontmoetingen en zelfstudie vormde de basis van zijn kunstenaarschap.
De weg van de autodidact
Hoewel de Buck lessen volgde, bleef hij in essentie een autodidact. Zijn ontwikkeling kwam niet voort uit één duidelijke stroming of school, maar uit een geleidelijk proces van kijken, oefenen en verfijnen. Hij bouwde stap voor stap een eigen oeuvre op, waarin zijn persoonlijke blik centraal stond.
Die zelfstandige weg gaf zijn werk een eigen beeldtaal en karakter: ingetogen, observerend en zonder nadrukkelijke drang naar vernieuwing om de vernieuwing zelf. In deze verstilling schuilt de kracht van zijn werk. Hij schildert geen spektakel, maar concentratie. Zijn doeken vragen om tijd en aandacht, en belonen de kijker die bereid is langer stil te staan. Zijn kunst is geworteld in aandacht — aandacht voor het landschap, voor dieren, voor het alledaagse.
Mens en omgeving
Naast het landschap had hij ook oog voor de mens, met name in relatie tot arbeid en omgeving. Dit komt onder meer tot uiting in zijn beeldhouwwerk, zoals een arbeidersfiguur en het kunstwerk ter herinnering aan de suikerunie, waarmee hij erkenning kreeg in Sas van Gent. Hierin klinkt zijn verbondenheid met het leven om hem heen: eenvoudig, direct en zonder opsmuk.
Hij was actief binnen het regionale kunstleven, onder andere via de Sasse Kunstkring, en exposeerde zijn werk op verschillende plekken, waaronder in Hulst en Clinge. Daarmee bleef hij dicht bij zijn eigen omgeving, zowel in onderwerp als in presentatie.
In 2000 overleed hij in Terneuzen, waarna hij een omvangrijk en veelzijdig oeuvre naliet.
Opening
De opening vindt plaats op 14 juni om 14.00 uur in de Kirke te Westdorpe, alwaar kleinzoon Peter van Kouteren een woordje zal spreken. Verdere openstelling is van 4 t/m 7 juli tijdens de kermis van Westdorpe. Op 16 juli bij de AanZ 55 + fietstocht en 12&13 september tijdens Monumentenweekend. Op afspraak is op zaterdagen 4 juli, 1 augustus en 5 september ook bezichtiging mogelijk, eventueel in combinatie met museum Oud Westdorpe, ook aldaar gevestigd.
















