
Nieuwe regels voor energielabel zetten huiseigenaren aan het denken
Algemeen 23 keer gelezenHuiseigenaren krijgen vanaf eind mei te maken met een vernieuwd energielabel dat veel meer inzicht geeft in de werkelijke energieprestatie van hun woning. De aanpassing lijkt beperkt, maar vormt volgens deskundigen slechts de eerste stap naar een ingrijpende hervorming van de woningmarkt. De overheid wil gebouwen voorbereiden op een toekomst zonder uitstoot en scherpt daarom de regels rondom duurzaamheid steeds verder aan.
Het vernieuwde label bevat extra gegevens en duidelijke iconen die laten zien welke energiebesparende maatregelen nog mogelijk zijn. Daarbij gaat het onder meer om betere isolatie, efficiëntere installaties en uitbreiding van zonne-energie. Bestaande energielabels blijven tien jaar geldig, waardoor woningeigenaren niet direct opnieuw een adviseur hoeven in te schakelen.
Een opvallende verandering is de officiële erkenning van de thuisbatterij. Vanaf eind mei telt een vast aangesloten batterij met minimaal vijf kilowattuur opslagcapaciteit mee in de berekening van het energielabel, mits de woning ook zonnepanelen heeft. Alleen batterijen die permanent op de meterkast zijn aangesloten en voldoen aan de NEN 1010 norm worden meegenomen. Plug and play systemen met een stekker blijven buiten de regeling.
Ook monumentale panden krijgen voortaan te maken met strengere regels. Waar beschermde monumenten eerder waren vrijgesteld, wordt bij verkoop, verhuur of oplevering nu eveneens een energielabel verplicht. De eisen blijven wel soepeler dan bij gewone woningen en kantoren, zodat historische gebouwen niet volledig aan dezelfde normen hoeven te voldoen.
Nederland telt inmiddels miljoenen woningen met een geldig energielabel. Een groeiend deel daarvan valt in de categorie A of hoger. Toch is dat volgens experts nog onvoldoende om de Europese klimaatdoelen te halen. De Europese Unie wil dat de volledige gebouwde omgeving in 2050 emissievrij is en voert daarom de druk op lidstaten verder op.
De grootste verandering staat gepland voor 2030. Dan verdwijnen de huidige hoogste labelklassen van A plus t/m A vijf plus. Daarvoor in de plaats komt één schaal van A tot en met G. Tegelijk wordt de berekening gebaseerd op het totale primaire energiegebruik van gebouwen, zodat de methode in alle Europese landen gelijk wordt toegepast.
Voor huiseigenaren kan dat grote gevolgen hebben. Sommige woningen zullen in de nieuwe systematiek hoger uitkomen, terwijl andere juist een lagere score krijgen zonder dat er fysiek iets verandert. Dat kan invloed hebben op de verkoopwaarde van een woning, maar ook op hypotheekvoorwaarden en energiekosten.
Niet alleen techniek speelt daarbij een rol. Ook de administratie wordt belangrijker. Adviseurs mogen verduurzamingsmaatregelen alleen meenemen wanneer daar schriftelijk bewijs van aanwezig is, bijvoorbeeld facturen van isolatie, installaties of zonnepanelen.
Voor huiseigenaren is de boodschap duidelijk. Wie nu investeert in isolatie, zonnepanelen, efficiënte installaties en mogelijk een thuisbatterij, staat straks sterker wanneer de nieuwe Europese rekenregels volledig van kracht worden.
Volgens makelaars en energieadviseurs groeit daardoor de kans dat kopers in de komende jaren nog nadrukkelijker naar het energielabel kijken voordat zij een woning aanschaffen. Vooral huizen met een lagere score kunnen moeilijker verkoopbaar worden, terwijl goed geïsoleerde woningen juist aantrekkelijker blijven in een markt met stijgende energiekosten.















